Pas tekstgrootte aan: A A+ A++

Bewonersplatform Zuidas

Schriftelijke inspraak BPZ

Het bewonersplatform Zuidas volgt sinds 10 jaar kritisch de ontwikkelingen rond de realisering van de Zuidas. Het accent ligt op de leefbaarheid voor de bewoners en gebruikers van dit gebied en de gevolgen voor de bewoners in de aanliggende wijken gedurende de bouw en in de toekomst. Wij pleiten voor de volgende aandachtspunten:

I. (Buurt-)bewoners en bouwputten
Bewoners en gebruikers van het Zuidasgebied, maar zeker ook bewoners in de aangrenzende wijken zullen over een periode van 30 jaar geconfronteerd worden met de bouwwerkzaamheden. Deze lange duur vergt het nemen van extra maatregelen om de Zuidas en de omgeving leefbaar en aantrekkelijk te maken en te houden. Gedacht wordt hierbij aan het zo geruisloos mogelijk heien, het aanleggen van tijdelijke voorzieningen, het aantrekkelijk maken van de noodzakelijke omleidingroutes en het beperken van het blokkeren van doorgaande fietsroutes tot een onvermijdbaar minimum. De omleidingen voor voetgangers en fietsers moeten tevens zo kort en logisch mogelijk worden gehouden en goed bewegwijzerd worden.

II. Informatie en Communicatie
De grootschaligheid van het project, de ambitie van de Zuidas, de lange duur van de werkzaamheden en de intense overlast voor de aangrenzende buurten vergen voortdurende informatie aan bewoners en belanghebbenden.
Daarnaast is communicatie met bewoners en gebruikers van essentieel belang om de plannen zó te kunnen uitvoeren dat de ambitie van de Zuidas kan worden waargemaakt.
Adequate informatie en communicatie zorgen ook voor een beter draagvlak onder bewoners en gebruikers voor de onvermijdbare overlast. Informatievoorziening is ook ter plekke van de werkzaamheden dringend gewenst, bijvoorbeeld via informatieborden. Websites en bewonersbrieven kunnen aanvullende en gerichte informatie geven.
Het bewonersplatform Zuidas vervult een belangrijke rol bij zowel de informatie als de communicatie.

III. Verkeer en vervoer: komen en gaan
1. openbaar vervoer
Het openbaar vervoer dient het Zuidasgebied optimaal bereikbaar te maken. Dat betekent dat van en naar het station Zuid een fijnmazig net door de aangrenzende wijken van de stad moet worden gerealiseerd. Amsterdam is een stad van tramlijnen. Dus moet lijn 5 behouden blijven, moet lijn 4 worden doorgetrokken over de Europaboulevard en moeten de lijnen 16 en 24 hun eindpunt bij het VUmc behouden. Lijn 4 kan doorgetrokken worden naar de rotonde aan het einde van de Europaboulevard, via de A.J. Ernststraat rijden naar het Gelderlandplein of via de de Boelelaan naar de Vu en het VUmc rijden. De tram- en buslijnen moeten een halte hebben bij Station Zuid.
2. Station Zuid
Voor dit station zijn 250.000 in-, uit- en overstappende passagiers per dag gepland. Dit betekent dat het stationsgebouw ruim moet worden opgezet met brede looppaden, liften en roltrappen tussen de verschillende perrons. De verbinding naar de metroperrons moet ruim zijn, goed verlicht en sociaal veilig. De afstanden tussen de treinperrons en de metroperrons dienen zo kort mogelijk te zijn. Het stationsgebouw dient zoveel mogelijk daglicht toe te laten. Voor de bereikbaarheid en de regulering van de passagiersstromen zijn in- en uitgangen aan alle zijden van het station noodzakelijk.
3. fietsers en voetgangers
Voor fietsers dienen zoveel mogelijk kruisingsvrije noord-zuid en oost-west fietspaden te worden aangelegd of behouden. Een combinatie van sociale veiligheid en doorgaand fietsverkeer moet mogelijk gemaakt worden. Voor fietsers dienen gemakkelijke en goedkope parkeervoorzieningen getroffen te worden. Handhaving van verbod op fietsparkeren op niet daartoe bestemde plaatsen dient prioriteit te hebben.
Voetgangers moeten zowel veilig en comfortabel door de straten van de Zuidas kunnen lopen, als snel en eenvoudig het openbaar vervoer kunnen bereiken, eventueel door bovengrondse ongelijkvloerse kruisingen.
4. auto: doorrijden en parkeren.
Wij pleiten voor een scheiding tussen doorgaand en bestemmingsverkeer. De aan- en afvoerroutes dienen afgestemd te zijn op de verkeersstromen, zodat de wegen in de aangrenzende wijken niet overbelast raken. Overbelasting van opritten en afslagen moet voorkómen worden, evenals het ontstaan van sluiproutes .De vraag doet zich voor of 30.000 beschikbare parkeerplaatsen juist het autorijden naar de Zuidas aantrekkelijk maken. Het parkeren in garages dient niet duurder te zijn dan op straat of in de omliggende wijken om parkeeroverlast in de aangrenzende wijken te voorkómen. Parkeergarages en tunnels dienen voorzien te worden van de meest geavanceerde luchtzuiveringsinstallaties, waarbij tevens voldoende geld wordt gereserveerd voor het noodzakelijke onderhoud daarvan.
De geplande straten voor doorgaand verkeer moeten geen racebanen worden. Extra voorzieningen voor oversteken door fietsers en voetgangers, zo nodig via ongelijkvloerse kruisingen, zullen zeer waarschijnlijk nodig zijn.

IV. Groen en Grijs
Om de Zuidas een aantrekkelijk verblijfsgebied te maken achten wij een ruime groenvoorziening op veel verschillende plaatsen noodzakelijk. Beperking tot het Beatrixpark en de omliggende parken lijkt ons een verarming van de omgeving en een ongewenste versterking van de nu bestaande impressie van een versteende kantorenwijk. Planten van veel bomen langs de straten is een van de mogelijke alternatieven. Wij pleiten voor een compensatie voor het kappen van de vele volwassen bomen voor de aanleg van de Zuidas, zodat de bomenbalans ook daadwerkelijk gerealiseerd wordt. De groene verblijfsgebieden moeten zoveel mogelijk openbaar zijn en blijven. Voor het behoud van het groene karakter dient voldoende geld gereserveerd te worden voor deskundig onderhoud.
Wij bepleiten bovendien de toepassing van alternatieve waterberging in het gebied zodat er minder bomen hoeven te worden gekapt voor waterberging op maaiveldniveau.

V. Licht en lucht
1. In de visie wordt uitgegaan van de bouw van een bruisend stadscentrum waar bewoners en gebruikers graag vertoeven. Wij missen daarbij node regelgeving voor beperking van lichtreclames.
2. Bij de bouw van de hoge torens dient er op te worden toegezien dat er voldoende zon en daglicht tussen de gebouwen beschikbaar is.
3. Ter voorkoming van nog meer windoverlast is regelmatig onderzoek van deskundigen noodzakelijk. Extra maatregelen zouden kunnen zijn de gevels ten opzichte van elkaar te laten verspringen, het aanbrengen van luifels en het planten van bomen.
4. De bouw kan alleen voortgang vinden als voldaan wordt aan de Europese normen voor luchtkwaliteit.
5. Voor de levendigheid in de openbare ruimte kan gedacht worden aan het organiseren van evenementen, rondleidingen, kunstroutes en architectonische wandelingen.

Lees verder over: Groen, Water & Lucht, Inspraak, OV, Verkeer, Voorzieningen, Zuidasgebieden, Zuidasthema's.