Pas tekstgrootte aan: A A+ A++

Bewonersplatform Zuidas

Toelichting op Projectbesluit Kop Rivierenbuurt

Toelichting t.b.v. 3PO d.d. 1 oktober 2003
Op 6 mei 2003 heeft de stadsdeelraad Zuideramstel het Projectbesluit Kop Rivierenbuurt vastgesteld.
De vervolgstap betreft het opstellen van het Uitvoeringsbesluit, dat in dit geval bestaat uit een concept Stedenbouwkundig Programma van Eisen en een grondexploitatiebegroting.
Na de, inmiddels aangevangen, inspraakperiode op het Stedenbouwkundig Programma van Eisen zal het bestuurlijke vaststellingstraject in respectievelijk stadsdeel ZuiderAmstel en de Centrale Stad worden doorlopen.Het SPvE vormt de verdere uitwerking van het Projectbesluit
Doel van het SPvE is het formuleren van een integraal en gedetailleerd stedenbouwkundig kader dat als basis dient voor de ontwikkeling van de Kop Rivierenbuurt. Het SPvE vormt voor veel aspecten een nadere uitwerking en detaillering van het Projectbesluit.

Uitgangspunt is een programma van circa 150.000 – 160.000 m2. Een minimum van 150.000 m2 b.v.o. is noodzakelijk voor een positieve planeconomie. Dit totale programma wordt verdeeld in 1/3 wonen, 1/3 voorzieningen en 1/3 kantoren. Dit betekent de realisatie van bijna 400 nieuwe woningen.
Drie functies krijgen in het SPvE krijgen een kavel toegewezen: een nieuw stadsdeelkantoor, een nieuw ROC en een musicaltheater. Het nieuwe stadsdeelkantoor is gesitueerd aan de President Kennedylaan, op een kavel waarop ook woningen gebouwd zullen worden. De nieuwbouw van het ROC komt langs de Europaboulevard. In dit “community college” worden onderwijs en publieke, maatschappelijke en commerciële functies in één complex gehuisvest. In de zuidwestelijke hoek van het plangebied zal een nieuw musicaltheater van Joop van den Ende verrijzen, dat ruimte biedt aan ongeveer 1850 bezoekers.

Het SPvE bevat twee plankaarten. De “plankaart randvoorwaarden” geeft de stedenbouwkundige randvoorwaarden die gelden voor de ontwikkeling van het plangebied. Dit betreft bebouwingsgrenzen, ontsluiting, groenstructuur en waterstructuur. De “plankaart ontwerp” illustreert de stand van zaken van het ontwerp. Dit is geen eindsituatie, maar dient als richtlijn voor verdere uitwerking van gebouwen en openbare ruimte.
De bebouwing zal bestaan uit een onderbouw van vijf lagen en drie torens. De torens worden inclusief onderbouw maximaal 60 meter hoog, de toren in de nabijheid van de Zuidelijke Wandelweg wordt maximaal 40 meter hoog. Het theater wordt circa 35 meter hoog.
De belangrijkste openbare ruimte wordt een plein voor het theater waaraan ook andere interessante functies liggen, onder meer het ROC. De groene sfeer van de Zuidelijke Wandelweg en de groene zoom zal binnen het plangebied worden doorgetrokken. De groene ruimtes in de De Mirandabuurt en in het plangebied gaan een eenheid vormen. De Kleine Wetering wordt verbreed in de vorm van een plas-drasgebied.

De Kop Rivierenbuurt wordt op dit moment voor snelverkeer ontsloten via de De Mirandabuurt. Deze ontsluiting wordt verlegd naar de Europaboulevard, die wordt getransformeerd tot een echte boulevard. Kantoren en voorzieningen, waaronder het theater, in de Kop Rivierenbuurt kunnen alleen via deze ontsluiting bereikt worden. De Zuidelijke Wandelweg wordt autovrij gemaakt waardoor een fraaie, parkachtige laan voor langzaamverkeer ontstaat.
Parkeren vindt in principe inpandig plaats waardoor een goede buitenruimte kan ontstaan. Gestreefd wordt naar het zoveel mogelijk dubbel gebruiken van parkeerplaatsen. De parkeergarage van het musicaltheater kan overdag gebruikt worden door bezoekers van de RAI en/of stadsdeelkantoor. ‘s Avonds biedt deze garage voldoende ruimte voor de bezoekers van het theater.

2. Belangrijke aspecten zijn onderzocht in deelstudies
Naar een aantal belangrijke aspecten zijn aparte deelstudies gedaan, die bijlagen bij het SPvE vormen.
Uit de verkeersstudie, uitgevoerd door Goudappel Coffeng, blijkt dat het verkeer doorgaans goed afgewikkeld kan worden. Alleen als er een groot RAI-evenement is, ontstaan langer dan wenselijke wachtrijen op de kruising van de Europaboulevard die de ontsluiting van de Kop Rivierenbuurt vormt. Overigens doet deze situatie zich momenteel ook reeds voor. Mogelijke oplossingen zijn het realiseren van een extra rechtdoorstrook in noordelijke richting op de Europaboulevard of het voor de spits laten leegstromen van de parkeergarage van het theater (waarin overdag bezoekers van de RAI staan).
Uit de geluidsstudie, uitgevoerd door Cauberg-Huijgen, blijkt dat de nieuwe verkaveling een betere geluidssituatie in de achterliggende, bestaande De Mirandabuurt geeft dan de huidige bebouwing in de Kop Rivierenbuurt. Wel blijkt het geluidsniveau een belangrijk aspect bij de ontwikkeling van nieuwe woningen in de Kop Rivierenbuurt. Bij de verdere uitwerking van de nieuwbouw zal hieraan veel aandacht gegeven worden.
Uit het windonderzoek blijkt dat er twee belangrijke locaties zijn waar windhinder zou kunnen optreden: rondom het theater en rondom de toren bij de Kleine Wetering. Dit wordt in de bouwplanontwikkeling respectievelijk het Stedenbouwkundig Plan meegenomen.

Gezien de ervaringen met de voor het project Gershwin opgestelde Veiligheidseffect¬rapportage (VER) is voor de Kop Rivierenbuurt geen aparte VER opgesteld. Wel zijn de belangrijkste aanbevelingen uit de VER van Gershwin meegenomen in het SPvE.
Op 18 maart 2003 heeft het college van B&W besloten, gebaseerd op de beoordelingsnotitie milieu-effectrapportage Streekplan Amsterdam-Noordzee Kanaalgebied, dat geen milieueffectrapportage opgesteld hoeft te worden voor de ontwikkeling van het plangebied Kop Rivierenbuurt.
Voor het musicaltheater wordt wel een MER-procedure doorlopen. De Commissie voor de MER heeft op 22 juli 2002 een advies uitgebracht voor de richtlijnen voor het musicaltheater. Het college van B&W heeft op 2 september de richtlijnen vastgesteld voor de op te stellen MER voor het Musicaltheater.

Lees verder over: Gershwin, Kop Zuidas.